Wandelen door Neder Silezië

Door het voorland van de Sudeten

 

Wandelen door Neder Silezië

Verschillende reisgidsen beschrijven Silezië als een afwisselend gebied met een rijke architectuur en een bewogen geschiedenis. De Sudeten is een gebied in Silezië dat gekenmerkt wordt door een aantal bergketens, dat zich uitstrekt langs de Pools- Tsjechische grens. Met bergtoppen variërend van 1000 tot 1400 meter hoogte. De variatie van dit gebied maakt het bijzonder, met glooiende hellingen, diepe rivierbeddingen, watervallen, grillige rotsvormen en in hogere delen ook kenmerken van gletsjers met bergmeren, keteldalen en zwevende dalen.

Al in de vroege Middeleeuwen was Silezië een belangrijke doorgang zowel van oost naar west als van noord naar zuid. In de tiende en twaalfde eeuw was Silezië overgeleverd aan twisten tussen Duitse, Boheemse en Poolse vorsten. In de omgeving van Jelenia Góra liggen de plaatsen Swidnica en Jawor waar in die tijd de Hertogen verschillende kastelen gebouwd hebben. Een groot aantal zijn nog steeds te bewonderen (Bolkow, Ksiaz, Chojnik).

Tussen de dertiende en vijftiende eeuw stond Silezië onder Duitse invloed. Veel Duitsers vestigden zich en er ontstond economische bloei, vooral door handel, ambachtswerk, goudwinning. Veel kerken, kloosters en kastelen herinneren aan deze tijd. In de zestiende eeuw kwam Silezië in handen van de Habsburgers waardoor de glasindustrie (kristal) en weverij opkwam. De in dit gebied herkenbare barokstijl is ontstaan tijdens de Contrareformatie. In de tweede helft van de negentiende eeuw kreeg het toerisme bekendheid met o.a. de kuuroorden in het Reuzengebergte.

Je loopt vanuit Antoniów westelijk naar Wolimierz met aan je linkerzijde het Isergebergte (Góry Izerskie). Een van de bekendste bergdorpen in dit gebied is Swieradów Zdrój (500 m hoog), als kuur en wintersportplaats. De route gaat naar Wolimierz, door het Isergebergte zelf. Daarna loop je richting het noorden en eindig je bij de meren van Lesna en de rivier de Kwisa. Aan deze rivier ligt een kasteel ( in het Pools ‘Zamek’). Het kasteel heeft een roerig verleden en na WO2 zijn veel originele kunstwerken verdwenen. De schitterende bouwstijl is echter gebleven en een trekpleister voor veel dagjesmensen.

Na Lésna volgt de wandeling een tijdje de rivier de Kwisa stroomopwaarts naar Gryfów Slaski. Een korte wandeling voor de oversteek door de velden naar Mojesz. De wandeling gaat door een glooiende gebied met houtwallen en kronkelende akkers. De bossen verschillen van loof tot naaldbossen, zoals de spar.

Tijdens de route loop je langs een mooie oude kerk boven op een heuvel. Verder ontmoet je een zijtak van de rivier de Bóbr. Dat is het begin van de kennismaking met het dal van de Bóbr. Na Mojesz zal de rivier de Bóbr steeds vaker je metgezel zijn. De volgende bestemming is Marczów, een klein dorpje met een te grote kerk. Midden tussen de glooiende akkers. Na Marczów loop je een tijdje langs de oever van de Bóbr. Langzaam verandert het landschap, meer heuvelachtig. Je bent aangekomen in wat wij noemen `de parel van het Bóbr dal`. Op de heuvels bij Wlén is het tijd om even bij te komen. Daarna is het nog een klein eindje wandelen naar Radomice.

Onze regio in Polen bestaat uit:  Stara Kamienica, Antoniów, Chromiec, Jelenia Góra, Wroclaw, Kopaniec, Szkrarska Poreba, Boza Góra, Mała Kamienica, Międzylesie, Kwieciszowice, Proszowa, Przecznica, Kotlina, Gierczyn, Świeradów-Zdrój, Pobiedna, Wolimierz, Mirsk, Mlądz, Rębiszów, Grudza, Sosnka, Kromnów, Rybnica , Siedlęcin, Jelenia Góra, Podgórzyn, Przesieka, Borowice, Karpacz, Kowary, Karpniki, Łomnica, Janowice Wielkie, Piechowice, Leśna, Karłowice, Gryfów Śląski, Lubomierz, Radomice, Pilchowice, Wleń, Zgorzelec.